Hoe bereiken we een regeneratieve bloembollensector?
Regio Duin- en Bollenstreek, Zuid-Holland
Waarom moeten we streven naar een regeneratieve bloembollensector in de Duin- en Bollenstreek?
In de onderstaande slideshow zijn een aantal leidende problemen en uitdagingen binnen de bloembollensector van de Duin- en Bollenstreek weergegeven. Deze problemen moeten op korte termijn worden opgelost om het telen van bloembollen ook in de toekomst nog rendabel te laten zijn voor ondernemers, het draagvlak van de maatschappij te behouden en positief bij te dragen aan de biodiversiteit.
Kwaliteitseisen bloembollen
Afnemers van bloembollen, met name landen van buiten de Europese Unie, stellen steeds strengere eisen aan de kwaliteit van de bloembollen. Zo wordt het maximaal toegestane viruspercentage bijvoorbeeld steeds lager.
Bloembollentelers moeten gewasbeschermingsmiddelen benutten om te voldoen aan de gestelde eisen, maar steeds minder middelen zijn hiervoor toegestaan.
Om deze reden moeten 'groene' alternatieve middelen gevonden worden.
Productie en milieu
De beschikbare teeltgrond neemt af, doordat er te weinig teeltgrond voldoet aan de juiste condities. Dit is ontstaan door intensieve teeltmethodes en een te krappe vruchtwisseling.
Maatschappelijk
Een steeds goter wordend personeelstekort vergt investeringen in automatisering. Daarnaast neemt de druk vanuit omwonenden tegen het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen toe.
Toewerken naar een regeneratieve bloembollensector kan bijdragen aan een oplossing voor vrijwel alle bovenstaand genoemde problemen en uitdagingen. Onder een regeneratieve bloembollensector verstaat men een bloembollensector waarin het versterken in plaats van uitputten van natuurlijke hulpbronnen een belangrijk aandachtspunt is. Hierbij staat bodemversterking centraal. Principes van regeneratieve landbouw zijn: niet-kerende bodembewerking, benutten van organische mest in plaats van kunstmest, gewasrotatie en het gebruiken van bodembedekkers.
Hoe ziet de weg naar een regeneratieve bloembollensector in de Duin- en Bollenstreek er uit?
De weg naar een regeneratieve bloembollensector in de Duin- en Bollenstreek
Welke ontwikkelrichtingen zijn beschikbaar richting een regeneratieve bloembollensector in de Duin- en Bollenstreek?
Composteren van regionale organische reststromen
Het benutten van regionale ogranische reststromen zoals afval uit de bloembollensector, GFT-afval en groenafval ten behoeve van de productie van compost. Een manier om regionale kringlopen te sluiten en de bodem op een natuurlijke manier te verbeteren.
Bij het toedienen van 18 ton GFT-compost per hectare per jaar en het inzetten van een vlinderbloemige groenbemester kan een verhoging van 0.7% van het organische stofgehalte van de bodem in de eerste 5 jaar worden bereikt. Dit betekent dat het organische stofgehalte van 1.5% (huidige organische stofgehalte in de Duin- en Bollenstreek) naar 2.2% kan gaan in slechts 5 jaar tijd.
In de schematische weergeve rechts is te zien dat er al een aantal regionale organische reststromen uit de Duin- en Bollenstreek beschikbaar zijn ten behoeve van compost als bodemverbeteraar. Uit berekeningen blijkt dat deze stromen ervoor kunnen zorgen dat de Duin- en Bollenstreek 30 tot 50 procent van haar compost zelf kan maken, wanneer alle weergegeven reststromen worden ingezet ten behoeve van compost.
Een andere manier om regionale organische reststromen te benutten, is het maken van digestaat. Digestaat is een product dat overblijft nadat dierlijke mest of plantaardige reststoffen zijn vergist. Naast een meststof onstaat er ook energie. Er is echter nog te weinig onderzoek gedaan naar digestaat in de prakijk om te zeggen dat het volledig toepasbaar is in de bloembollensector.
Het telen van bloembollen in de kas
Schoon weefselkweekmateriaal wordt in de kas in circa een tot twee jaar opgekweekt tot plantgoed, dat nog een seizoen in de volle grond geteeld kan worden alvorens het richting de markt kan. Het gebruik van gewasbescherming is minimaal en de bodem krijgt meer rust ten opzichte van de traditionele teelt.
Benutten van restwarmte uit kassen
Gezien de stijgende energieprijzen wordt het drogen en bewaren van bloembollen steeds duurder. Het benutten van restwarmte uit kassen ten behoeve van het drogen van bloembollen is een interessante ontwikkeling, waarbij daarnaast ook regionale kringlopen worden gesloten.
Aanbevelingen
Het word aanbevolen om het benutten van organische reststromen ben behoeve van compost gezamenlijk met verschillende ondernemers in de regio op te pakken. Hierdoor kan kennis gebundeld worden en worden reststromen vanuit de bloembollensector, maar ook vanuit andere sectoren hoogwaardig ingezet ten behoeve van compost. Het toedienen van compost als bodemverberaar resulteert in een verbeterde bodemkwaliteit, wanneer het gezamenlijk met een aantal andere maatregelen wordt ingezet. Denk hierbij aan het inzetten van een groenbemesterbemester en niet-kerende grondbewerking.
De tweede aanbeveling is om verder onderzoek te doen naar digestaat. Digestaat is een meststof die ontstaat nadat plantaardige reststoffen en/ of dierlijke mest wordt vergist. Doordat digestaat kan worden ingezet als bodemverbeteraar en doordat er tegelijkertijd stroom wordt geproduceerd is het een aantrekkelijke optie. Er is momenteel nog niet veel onderzoek gedaan naar het inzetten van digestaat en de bloembollensector is op dit moment nog huiverig tegenover het gebruik van digestaat, vanwege het gebrek aan inzicht in bijvoorbeeld het uitgangsmateriaal.
De derde aanbeveling is om onderzoek omtrent het telen van bloembollen in de kas verder uit te zetten en daarnaast te promoten bij ondernemers. Het voordeel ten opzichte van de traditionele manier van bloembollen telen is dat het groeiproces wordt versnelt en dat er beter gestuurd kan worden tijdens het proces. Het telen van bloembollen in de kas draagt indirect sterk bij aan een regeneratieve bloembollenteelt. Zo wordt de bodem in een optimaal scenario minder belast, wanneer een deel van de teelt verplaatst naar teelt in kassen. In de periode dat de bodem niet wordt benut voor de teelt van bloembollen, kan de bodem worden bedekt met een ander type gewas om de bodem optimaal te voeden.
De laatste aanbeveling is om verdere praktijkonderzoeken te realiseren ten behoeve van het hergebruiken van warmte in de kas ten behoeve van het droogproces van bloembollen.